Paard & Voeding - Advies op maat  ... een uitgemeten rantsoen

Jill Smit over schimmels in de darmen, een momenteel veelvoorkomend probleem.

door Linda van Aanholt | mrt 4, 2025 | Gezondheidskennis, Lecher-antenne | 0 reacties

Schimmels en de gezondheid van je paard: wat is het verschil?

Het woord schimmel kan bij paardeneigenaren al snel de nodige zorgen oproepen. Toch is het belangrijk om verschillende situaties van elkaar te onderscheiden.

Schimmels komen van nature voor in onze omgeving. Ze kunnen bijvoorbeeld aanwezig zijn in de bodem, op planten en in ruwvoer. Ook in stallen en op materialen rondom het paard kunnen schimmelsporen voorkomen.

Dat betekent echter niet automatisch dat een paard daar ziek van wordt.

Er is namelijk een belangrijk verschil tussen schimmel in voer of omgeving, mycotoxinen en een daadwerkelijke schimmelinfectie.

Schimmel in ruwvoer

Ruwvoer is een belangrijk onderdeel van het rantsoen van een paard. De kwaliteit ervan verdient daarom altijd aandacht.

Bij het oogsten, drogen, verpakken en bewaren van hooi en voordroogkuil spelen onder andere vochtgehalte, temperatuur, zuurstof en opslagomstandigheden een rol. Wanneer ruwvoer onder ongunstige omstandigheden wordt bewaard, kan schimmelgroei ontstaan.

Schimmel is niet altijd direct met het blote oog zichtbaar. Een afwijkende geur, verkleuring, broei, klontering of een verandering in structuur kan aanleiding zijn om extra kritisch naar het ruwvoer te kijken.

Voor paarden is het belangrijk dat het aangeboden ruwvoer van goede kwaliteit is en zo wordt bewaard dat bederf en schimmelgroei zoveel mogelijk worden voorkomen. Veterinaire voedingsadviezen benadrukken eveneens het belang van kwalitatief, niet-beschimmeld ruwvoer.

Schimmel is niet hetzelfde als mycotoxinen

Een belangrijk onderscheid wordt soms over het hoofd gezien.

Sommige schimmels kunnen onder bepaalde omstandigheden mycotoxinen produceren. Dit zijn stoffen die door bepaalde schimmels worden gevormd en die via verontreinigd voer kunnen worden opgenomen.

De aanwezigheid van schimmel betekent echter niet automatisch dat er sprake is van een relevante hoeveelheid mycotoxinen. Andersom betekent het ontbreken van zichtbare schimmel ook niet dat mycotoxinen per definitie afwezig zijn. Sommige mycotoxinen kunnen namelijk aanwezig blijven nadat de schimmel zelf niet meer goed zichtbaar of aantoonbaar is.

Bij een vermoeden van mycotoxineblootstelling kan onderzoek van het betreffende voer onderdeel zijn van de beoordeling.

Daarom is het belangrijk om schimmelgroei en mycotoxinen niet als hetzelfde probleem te beschouwen.

En hoe zit het met schimmels in het paard zelf?

Ook hierbij is nuance belangrijk.

Schimmels komen in de natuurlijke omgeving voor en het feit dat een organisme in een monster wordt aangetroffen, betekent niet automatisch dat dit organisme een ziekte veroorzaakt.

Een schimmelinfectie, ook wel mycose genoemd, is iets anders. Daarbij heeft een schimmel daadwerkelijk weefsel geïnfecteerd en is er sprake van een ziekteproces. Slechts een deel van de vele aanwezige schimmelsoorten is in staat om een infectie te veroorzaken. Bij paarden kunnen schimmelinfecties onder andere lokaal voorkomen, bijvoorbeeld in huid of weefsel, en in bepaalde situaties ook dieper in het lichaam. De diagnose hangt af van de plaats en de aard van de klachten en kan aanvullend onderzoek vereisen.

Een gevonden schimmel is dus niet automatisch een diagnose.

Schimmels en het darmmicrobioom

Ook het darmmicrobioom vraagt om een genuanceerde benadering.

Het microbioom van het paard bestaat uit een grote en complexe gemeenschap van micro-organismen. De samenstelling daarvan wordt onder andere beïnvloed door voeding en veranderingen in het rantsoen. Het microbioom in de dikke darm speelt een belangrijke rol bij de fermentatie van voedingsstoffen uit het voer.

Het is daarom te eenvoudig om iedere verandering in de spijsvertering rechtstreeks aan schimmels toe te schrijven.

Klachten zoals veranderde mest, gasvorming, een verandering in lichaamsconditie of buikomvang kunnen verschillende oorzaken hebben. Bij aanhoudende of terugkerende klachten is het verstandig om het paard in zijn geheel te laten beoordelen.

Niet iedere klacht wijst op hetzelfde probleem

Een paard met diarree, mestwater, koliek, verminderde conditie of veranderingen in beweging heeft niet automatisch een probleem met schimmels.

Ook klachten aan de luchtwegen kunnen verschillende oorzaken hebben. Stof en schimmelsporen in hooi kunnen bijvoorbeeld een rol spelen bij luchtwegproblemen, maar ook hierbij is een goede beoordeling belangrijk om de oorzaak te achterhalen.

Hetzelfde geldt voor veranderingen in gedrag, prestaties of lichaamsconditie.

Daarom is het verstandig om niet vanuit één mogelijke oorzaak naar alle klachten te kijken.

Wat kun je als eigenaar wél doen?

Een goede basis begint bij de dagelijkse verzorging.

Let bijvoorbeeld op:

  • de kwaliteit en geur van het ruwvoer;
  • de manier waarop hooi en andere voedermiddelen worden opgeslagen;
  • vocht, broei en zichtbare veranderingen in het voer;
  • de hygiëne van voer- en drinkbakken;
  • de staat van hooinetten, voerbakken en andere materialen;
  • voldoende ventilatie in de stal;
  • veranderingen in mest, eetlust, lichaamsconditie en gedrag.

Wanneer je twijfelt over de kwaliteit van een partij voer, is het verstandig om die twijfel serieus te nemen en zo nodig deskundig advies in te winnen.

Bij een vermoeden van mycotoxineblootstelling kan het bovendien zinvol zijn om het voer gericht te laten onderzoeken.

Moet je paard preventief worden ondersteund?

Niet ieder paard heeft standaard aanvullende ondersteuning nodig.

Wanneer de voeding en huisvesting goed zijn afgestemd en het paard geen aanwijzingen geeft voor een gezondheidsprobleem, is er geen reden om alleen vanwege de mogelijke aanwezigheid van schimmels automatisch een behandeling te starten.

Ook bij het microbioom is terughoudendheid belangrijk. Het doel is niet om voortdurend in te grijpen in een normaal functionerend systeem, maar om eventuele problemen eerst goed in kaart te brengen.

Wanneer is verder onderzoek verstandig?

Heeft je paard terugkerende of aanhoudende klachten? Dan is het verstandig om niet direct één oorzaak als verklaring aan te wijzen.

Een dierenarts kan op basis van de klachten, voorgeschiedenis en lichamelijk onderzoek bepalen of aanvullend onderzoek nodig is.

Dat kan bijvoorbeeld relevant zijn wanneer er sprake is van terugkerende diarree, gewichtsverlies, aanhoudende luchtwegklachten, verminderde prestaties of andere veranderingen die niet vanzelf verdwijnen.

Voorkomen begint bij de basis

Je kunt nooit voorkomen dat een paard ergens in zijn omgeving met schimmelsporen in aanraking komt. Dat is onderdeel van de natuurlijke omgeving.

Wat je wél kunt doen, is zorgen voor zo goed mogelijke omstandigheden: kwalitatief ruwvoer, goede opslag, hygiënische voer- en drinkvoorzieningen, voldoende ventilatie en een passend voedingsmanagement.

En misschien is dat wel de belangrijkste boodschap: niet iedere schimmel is een ziekteverwekker, niet iedere schimmel betekent mycotoxinen en niet iedere klacht heeft met schimmels te maken.

Door die verschillen goed te kennen, kun je als paardeneigenaar gerichter kijken en beter bepalen wanneer extra aandacht of onderzoek nodig is. is door goed te letten op wat je paard eet en alles rondom je paard zorgvuldig te controleren. Vraag jezelf af: Hoe groot is de kans dat jouw paard met schimmels te maken krijgt? Door bewust te zijn van de risico's en preventieve maatregelen te nemen, geef je jouw paard de beste kans op een gezond en gelukkig leven.

0 Reacties

Plaats Een Reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

0